Home » Sie werden euch in den Bann tun

Sie werden euch in den Bann tun

Toelichting bij cantate BWV 44

Deze cantate is gecomponeerd in Bach's eerste jaar als Thomascantor te Leipzig op 21 mei 1724.
Opvallend is de opening die Bach gebruikt: het eerste tekstgedeelte wordt gezongen door twee zangers (tenor en bas), het tweede door het koor. De instrumentale begeleiding is een fraaie klaagzang van de twee hobo's, begeleid door de basso continuo-groep. Het instrumentale naspel gaat zonder onderbreking over in het koordeel. Hierin voegen zich de strijkinstrumenten bij de hobo's. Typerend is het gebruik van de halve toonafstanden (chromatiek) bij de tekst ‘wer euch tötet'. Ook geeft Bach hier de dynamische indicatie ‘piano' (zacht), dit alles geeft een versterking aan deze tekst.
Deel drie is voor solohobo, altstem en continuo. Deze bescheiden bezetting lijkt sterk op het openingsduet. De ritmische beweging is evenwel actiever als gevolg van het gebruik van de triolenbeweging (ritmische figuur van drie tonen per tel). In het B-gedeelte van deze da capo-aria (A-B-A) wordt ‘Marter, Bann und schwere Pein' getoonzet in mineur (droevige sfeer) en blijft de melodietoon lang aangehouden op ‘Bann' om letterlijk de lengte hiervan aan te geven.
In deel 4 zingt de tenor de bijna onversierde melodie van het koraal ‘Ach Gott, wie manches Herzeleid'. De begeleiding is alleen door de continuogroep, cello, fagot en orgel. De vele chromatiek beeldt wederom de zwaarmoedigheid uit (‘Herzeleid' en ‘Trübsalvoll').
Recitatief 5 vormt het keerpunt in de cantate. Ondanks de tot nu toe verklankte ballast, groeien de palmen des te hoger, richting God, in plaats van te breken.
Aria 6 sluit hierop aan: hobo's en strijkorkest begeleiden de sopraan in majeur (opgewekt karakter). De tot hier vaak gehoorde chromatiek is verdwenen, de sfeer is opgewekt, haast dansachtig. Door de ‘Wettertürmen'en ‘Trübsalstürmen'in het B-gedeelte, lijkt het alsof de ‘Freudensonne' nog helderder kan schijnen, met de vrolijke coloraturen door de sopraan.
Een vierstemmige zetting van de melodie "O Welt, ich muss dich lassen' sluit de cantate af.